Manja Weijers

Flexibiliteit

“Ik ben niet lenig, daarom kan ik geen yoga doen.”

Een veel gehoorde uitspraak. Maar je kunt het ook anders zien, van yoga wordt je lenig. Maar niet alleen je lichaam wordt lenig, ook je geest.

In yoga is “flexibiliteit of mobliteit” een houding die niet alleen je lichaam, maar ook je geest transformeert. In het westen wordt flexibiliteit vooral geassocieerd met de mogelijkheid om spieren en gewrichten soepel te bewegen. Als we jong zijn is deze souplesse nog aanwezig, maar dat de meesten van ons verliezen dit naarmate we ouder worden. Onze levens zijn beperkt en vooral zittend, hierdoor wordt het lichaam lui, atrofiëren de spieren (nemen af in omvang) en worden onze gewrichten stijf.

Zelfs als je actief bent, zal je lichaam ‘uitdrogen’ en stijver worden met de leeftijd. Tegen de tijd dat je volwassen bent, hebben je weefsels ongeveer 15 procent van hun vochtgehalte verloren. Doordat souplesse verdwijnt is er meer kans op letsel. De spiervezels hechten aan elkaar en er ontstaan cellulaire cross-links (knopen) die verhinderen dat de vezels onafhankelijk van elkaar kunnen bewegen. Langzaam raken de elastische vezels verbonden met collageen bindweefsel waardoor ze beetje bij beetje hun flexibiliteit verliezen.

Rekken vertraagt het proces van uitdroging, doordat de aanmaak van smeermiddelen in het weefsel stimuleert. De cellulaire cross-links worden uit elkaar getrokken en de vezels krijgen weer hun gezonde parallelle structuur.

Yoga richt zich in het algemeen op het vergroten van de elasticiteit van bindweefsels in plaats van het uitrekken van de spiervezels zelf. Het bindweefsel omhult de spiervezels samen en verbindt ze met andere organen. Daarnaast gebruikt yoga de “stretch reflex” en andere functies van het autonome (onwillekeurige) zenuwstelsel, dit zijn ‘trucjes’ om je spieren te laten verlengen en ontspannen. Beide samen zorgen dat yoga zo’n een effectieve methode is voor het verhogen van de flexibiliteit.